Aidsfonds gebruikt cookies om het bezoek (geanonimiseerd) te analyseren om verbeteringen aan te brengen. Indien je hiermee akkoord bent, hoef je je voorkeuren niet te wijzigen. Meer informatie
Home  >  Nieuws  >  Interviews  >  

Aidsambassadeur Lambert Grijns

Lambert GrijnsIn Rwanda zat hij in een band. De zangeres verdween ineens. Later bleek ze te zijn overleden aan de gevolgen van aids. Het was niet de enige keer dat Lambert Grijns (54), de Nederlandse ambassadeur voor aids en seksuele en reproductieve rechten, zelf de impact van hiv ondervond. Het raakte hem. Nu bestrijdt hij de ziekte op politiek niveau.

“Ik heb voor buitenlandse zaken in verschillende landen gewerkt. Daar kreeg ik voor het eerst te maken met hiv. Zo hadden we in Rwanda een kok, die af en toe voor ons kookte. Hij bleek hiv te hebben. Het was eind jaren negentig. Aidsremmers waren nog helemaal niet gewoon. Wat doe je dan? Da’s best eng. Ik had kleine kinderen. Het was heel persoonlijk. Heel dichtbij. En er was nog veel onwetendheid over hiv. In het begin durfden mensen elkaar niet eens een hand te geven. Ik worstelde met de vraag: wat doe ik? Zeker als je in Afrika woont, waar de ziekte veel voorkomt, stel je jezelf als je in contact komt met iemand met hiv de vraag: wat betekent dit voor mij persoonlijk? Maar ik dacht ook: wat kan ik eraan doen, vanuit mijn functie?”

De hoed en de rand

Het zaadje wat toen geplant werd, groeide uiteindelijk uit tot Grijns’ huidige werk. “Ik ben betrokken bij wat er in de wereld om me heen gebeurt. Daarom kies ik ook voor banen waarin ik een zekere meerwaarde heb. Toen deze positie me werd aangeboden, twijfelde ik dus niet.” Maar wat doet een ambassadeur voor aids en seksuele en reproductieve rechten eigenlijk? “We vinden in Nederland dat mensen zelf moeten kunnen beslissen over intieme zaken als verliefd worden, seks hebben, trouwen en kinderen krijgen. Dat ze ook goed geïnforméérd kunnen beslissen, dat ze van de hoed en de rand weten. En dat ze toegang hebben tot de middelen die daarvoor nodig zijn, zoals goede gezondheidszorg. Het kabinet vindt dat heel belangrijk, in Nederland en de rest van de wereld. Daarom is er een speciale ambassadeur voor ingesteld. Onvoorstelbaar als je erover nadenkt, maar complicaties rondom de zwangerschap en hiv/aids zijn twee van de grootste doodsoorzaken ter wereld voor vrouwen tussen de 15 en 25 jaar. Dat zijn zaken waaraan je helemaal niet dood hoeft te gaan! Het onderwerp gaat dus over gezondheid, maar ook heel erg over rechten. Het zijn vaak vrouwen en jonge meiden die deze keuzes niet kunnen of mogen maken. En bijvoorbeeld mannen die homo zijn in landen waar je geen homo kunt zijn. Als je je met het onderwerp ‘aids’ bemoeit, is het moeilijk om niet een zekere verontwaardiging te voelen opkomen. Hiv is echt een kwestie van onrechtvaardigheid. Daar probeer ik op hoog niveau verandering in aan te brengen.”

Gegiechel

Zo reisde de ambassadeur, samen met minister Ploumen en onder meer Aids Fonds-directeur Louise van Deth, in juni af naar New York voor de Verenigde Naties-top over hiv/aids. Tijdens de top werden afspraken gemaakt over de wereldwijde aidsbestrijding voor de komende vijf jaar. Deze afspraken zijn opgenomen in een verklaring, die alle 193 lidstaten hebben ondertekend. "De hiv-epidemie is in toenemende mate geconcentreerd bij bepaalde groepen: de zogenaamde ‘key populations’. Dat zijn met name mannen die seks hebben met mannen, sekswerkers en drugsgebruikers. Dat is echter niet sterk benoemd in de verklaring. Dat vind ik erg teleurstellend, want daardoor hoeven landen daar ook geen speerpunt in de aidsbestrijding van te maken. Maar ja, de verklaring is een compromis tussen traditionele landen en liberale landen. Er zijn landen die radicaal andere ideeën hebben over drugsgebruik dan Nederland en landen die überhaupt ontkennen dat er zoiets als homoseksualiteit bestaat in hun land. En die dus ook niet willen dat dat genoemd wordt in zo’n verklaring. Er zijn ook veel landen die moeite hebben met het woord ‘seks’. In Nederland leidt het woord al tot gegiechel, maar in sommige landen is het echt taboe dat te noemen. Als je met de diplomaten uit dat soort landen onderhandelt, krijg je formuleringen die er omheen draaien. Dus praten we over hiv zonder te praten over seks. Op z’n minst nogal vreemd.”

Krachtig gezegd

"Ook vond ik het heel erg dat ruim twintig belangengroepen niet bij de vergaderingen aanwezig mochten zijn, omdat hun eigen land daar niet mee instemde. Nederland zoekt juist altijd naar manieren om mensen met hiv en jongeren te laten meepraten. De belangengroepen zouden wat ons betreft juist centraal moeten staan in het debat. Ontroerend vond ik het dan ook toen een meisje uit Zimbabwe zei: ‘Why do they ask us to think out of the box, when they put us in a cage? Ze zeggen steeds dat we moeten meedoen, creatief moeten meedenken. Maar als jongere word je gevangen gezet door beperkte mogelijkheden.’ Dat vond ik heel krachtig gezegd.”

Klein land, groot verschil

"Juist Nederland, als relatief klein land, maakt een vrij groot verschil in de aidsbestrijding. We zijn een grote speler. Denk, naast onze flinke financiële bijdrage, aan de politieke steun, de sterke lobby - zoals die van het Aids Fonds - en de enorme hoeveelheid hiv-kennis die we in onderzoekscentra in Nederland hebben. Dat is echt boven het niveau van andere landen. Onze minister Ploumen was ook een van de weinige ministers uit Europa die op de VN-top was. Dat wordt gezien door anderen. We hebben een voorbeeldfunctie. Ik denk dat Nederland zo’n grote speler is geworden omdat de hiv-gemeenschap hier vanaf het begin van de epidemie een centrale rol heeft gespeeld, vaak in samenwerking met de overheid. Ons land was een van de eerste waar mensen met hiv een levensverzekering kunnen krijgen. En waar mensen die onbedoeld hiv overdragen via seksueel verkeer niet meer strafbaar zijn. Dat zijn successen, die komen uit de gemeenschap zelf. De overheid heeft dat gefaciliteerd. Die samenwerking is typisch Nederlands - het poldermodel - en dat heeft erg goed gewerkt. Ons gezondheidssysteem is ook heel laagdrempelig voor mensen met hiv. Dat is best uniek. Daarom worden we ook vaak om advies en steun gevraagd.”

Seks, drugs en rock ‘n‘ roll

Lambert Grijns"Daarnaast is onze regering bereid onderwerpen te benoemen die bij andere landen moeilijker liggen, en daar ook geld aan uit te geven. Hiv gaat over seks, drugs en rock ’n roll. Letterlijk. Het gaat over seks, drugsgebruik en gedrag waar in andere landen veel minder over wordt gesproken dan in Nederland. Dat we minder snel bepaald gedrag en bepaalde groepen veroordelen vind ik een ongelooflijk sterk onderdeel van onze cultuur. Daar ben ik echt heel trots op. Natuurlijk is het hier niet ideaal. Ook bij ons worden homo’s gediscrimineerd en is transgender zijn moeilijk. Maar we hebben als samenleving al in een heel vroeg stadium homorechten erkend, en daar ook consequenties aan verbonden. Nederland was het eerste land ter wereld met een homohuwelijk. Ook zijn drugsgebruik en sekswerk gedecriminaliseerd. Dat vind ik een enorme verworvenheid.”

Echt schrikken

In andere landen is er wat dat betreft echter nog veel werk aan de winkel. "We zien in verschillende landen een toename van het aantal nieuwe mensen met hiv, met name in Centraal-Azië en Oost-Europa. Juist die landen waar je niet hardop kunt praten over seks of drugsgebruik. Dat is echt wel schrikken. Dat moeten we heel erg serieus nemen. Het is een alarmbel. Toch voel ik me niet totaal ontmoedigd. Ik zié hoeveel dingen er evengoed in die landen gebeuren. Ook daar zijn altijd mensen en organisaties die een tegengeluid laten horen. Ik geloof echt dat we met z’n allen in staat zijn hiv tot staan te brengen en ervoor te zorgen dat er geen mensen meer overlijden aan de gevolgen van aids. Dat mijn kinderen het einde van aids nog kunnen meemaken. Op een aantal terreinen zijn er al spectaculaire resultaten behaald. In sommige landen, ook in Oost-Europa, is de hiv-overdracht van moeder op kind bij de geboorte naar nul teruggebracht. Daar komt het dus niet meer voor dat zwangere vrouwen met hiv dat overbrengen op hun kind! Daarmee wordt aan de bron voorkomen dat mensen hiv krijgen.

Op het goede spoor

Ook een mooi resultaat: het aantal mensen dat toegang heeft tot medicijnen stijgt. Dat is duur. En een logistieke uitdaging. Mensen moeten elke dag die pillen kunnen krijgen, ook als je ergens in een klein dorpje in Uganda woont. Je hebt daarnaast te maken met resistentie en voorraadtekorten - de pillen komen niet altijd op tijd aan. Dan is het echt een mooi resultaat dat zoveel meer mensen per jaar toegang hebben tot de hiv-pillen. Ook wordt geïnvesteerd in kennis. De aidsbestrijding is niet alleen een medisch circuit, we moeten ook naar het gedrag van mensen kijken. Alleen ergens een kantoortje openen, met het bordje ‘U kunt zich hier gratis laten testen’ erboven, werkt niet. Er is onderzoek nodig om te zien wanneer mensen zich durven te laten testen. Nederlandse gedragswetenschappers zijn daarmee bezig. We zitten echt op het goede spoor. Maar dan moeten we wel nú investeren om te voorkomen dat we later de rekening gepresenteerd krijgen. Pay now or pay forever."

Foto’s: Marjolein Annegarn. Voor: www.atlas2018.org.