Aidsfonds gebruikt cookies om het bezoek (geanonimiseerd) te analyseren om verbeteringen aan te brengen. Indien je hiermee akkoord bent, hoef je je voorkeuren niet te wijzigen. Meer informatie
Home  >  Dit doen wij  >  Testen van medicijnen  >  

Standpunt: hoe staat Aidsfonds tegenover dierproeven

Aidsfonds is lid van de samenwerkende Gezondheidsfondsen. Wij staan voor bijdragen aan optimale medische behandeling en maximale kwaliteit van leven. Wetenschappelijk onderzoek speelt een cruciale rol om nog meer te weten te komen over het ontstaan en het verloop van (levensbedreigende) ziekten. Het onderzoek is ook van groot belang om manieren te vinden om die ziekten te voorkomen of om goede behandelmethoden te vinden. De gezondheidsfondsen financieren alleen onderzoek met proefdieren als het onvermijdelijk is.

De Gezondheidsfondsen steunen alleen top onderzoek dat kansen biedt voor de beste medische behandeling of de maximale kwaliteit van leven. Jaarlijks ontvangen de Gezondheidsfondsen honderden verzoeken van onderzoekers om financiële steun. Alle subsidieaanvragen worden zorgvuldig beoordeeld. De Wetenschappelijke Adviesraad (WAR) van een gezondheidsfonds beoordeelt de kwaliteit en de relevantie van de aanvragen. De gezondheidsfondsen hebben een set vragen ontwikkeld om de WAR te ondersteunen bij het beoordelen van de noodzaak van het proefdiergebruik.

Veel innovatief onderzoek, dat grensverleggend en baanbrekend is, maakt gebruik van de nieuwste technieken, waarbij proefdieronderzoek niet meer noodzakelijk is. Voorbeelden van dergelijke nieuwe onderzoeksmethoden zijn menselijke stamcellen of organen-op-een-chip. De gezondheidsfondsen steunen alleen onderzoek met dierproeven als de uitkomsten veelbelovend lijken te zijn wat betreft positieve effecten voor patiënten en als er geen andere manier is om die onderzoeken te doen. Voor sommige onderzoeken is proefdieronderzoek wettelijk verplicht, bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van nieuwe medicijnen.

De Gezondheidsfondsen onderschrijven het beleid van de overheid gericht op het ontwikkelen en implementeren van 3V-alternatieven voor dierproeven. De 3V's staan voor Vervangen, Verminderen en Verfijnen. Dierproeven worden waar mogelijk vervangen door proefdiervrije experimenten. Als het onvermijdelijk is, worden dierproeven verricht met het minimale aantal dieren dat nodig is om een goede proef te doen (Verminderen) en worden de dieren zo goed mogelijk verzorgd en zo min mogelijk leed toegebracht (Verfijnen). Dierproeven zijn volgens de Wet op de dierproeven (Wod) al vanaf 1977 in Nederland verboden, tenzij er geen 3V-alternatieven beschikbaar zijn. Voor meer informatie over cijfers rondom dierproeven zie www.informatiedierproeven.nl van de Stichting Informatie Dierproeven. De gezondheidsfondsen hebben nauw contact met ZonMw (www.zonmw.nl) rond het subsidieprogramma 'Meer Kennis Met Minder Dieren' en zijn vertegenwoordigd in het door de overheid ingestelde 'Regulier Overleg Dierproeven en hun Alternatieven' (RODA), meer informatie: www.nkca.nl onder de kop 'Beleidsadvisering'.

De universiteiten, universitaire medische centra en de KNAW hebben de code openheid dierproeven opgesteld (www.knaw.nl onder publicaties). Deze ontwikkeling sluit aan bij de opvattingen van de Gezondheidsfondsen.

Het resultaat: zorgvuldig wetenschappelijk onderzoek naar aandoeningen en behandelingen waarbij dieren niet onnodig hoeven te lijden.

In de Samenwerkende GezondheidsFondsen (SGF) bundelen 20 gezondheidsfondsen hun krachten. Omdat zij samen meer kunnen bereiken en omdat sommige onderwerpen fondsoverstijgend zijn. Door de gezondheidsfondsen werd in 2013 ruim 350 miljoen euro ingezameld. Gemiddeld wordt de helft daarvan besteed aan wetenschappelijk onderzoek. Zie ook www.gezondheidsfondsen.nl.